Een week van records
Chevron maakte deze week een indrukwekkende klim op Wall Street. Dinsdag noteerde het aandeel rond de $212, op een haar na van zijn 52-weekshoogte. Een dag later volgde een vers record van $214,85. Op jaarbasis staat de olie-reus daarmee op een koerswinst van ruim 40%, een van de sterkste prestaties binnen de Amerikaanse energiesector dit jaar.
Olie als aanjager
De motor achter die rally is de olieprijs. Brent-olie won deze week meer dan 10% op weekbasis, met een sprong van ruim 6% op donderdag alleen al: de eerste weekafsluiting boven de $100 per vat sinds medio mei. Zorgen over de olieaanvoer vanuit het Midden-Oosten joegen beleggers richting de energiesector, en een aandeel als Chevron plukte daar volop de vruchten van. Iets vergelijkbaars zagen we vanochtend al bij Shell, dat eveneens profiteerde van de hogere olieprijs.
Vrijdag draait het beeld
Vrijdag ziet het plaatje er anders uit. Een fors deel van de weekwinst wordt alweer teruggegeven: de olieprijs zakte in de loop van de sessie van iets meer dan 1% naar ruim 3% lager, terwijl beleggers de nieuwste Amerikaanse inflatiecijfers verwerken en zich opmaken voor het Amerikaanse rentebesluit van volgende week.
Dat zet de vraag op scherp of de recordrally in Chevron stand houdt nu de brandstof erachter alweer terrein verliest. Een olieprijs die net zo hard terugzakt als hij de afgelopen dagen opliep, is doorgaans geen stabiele basis voor een aandeel dat grotendeels op diezelfde olieprijs vaart.
